Toon me uw boekenkast en ik zeg u wie u bent, luidt een bekend gezegde. Fysiotherapeuten zouden daar hun eigen gezegde tegenover kunnen zetten: toon me uw botten, spieren en gewrichten en ik zeg u wat voor werk u doet. Het menselijk lichaam is een slagveld waarin de arbeidsmarkt diepe bomkraters slaat. De Volkskrant sprak met fysiotherapeuten en chiropractors en inventariseerde de belangrijkste pijnfronten van de werkende mens.

Nek en schouders

In de film The Curious Case of
Benjamin Button, naar het verhaal van F. Scott Fitzgerald, leeft de door
Brad Pitt gespeelde hoofdpersoon achterstevoren: hij komt ter wereld
als bejaarde en sterft als baby. Met de patiëntenpopulatie van
arbeidsfysiotherapeut Yvonne Zwolle gebeurt de laatste tijd iets
vergelijkbaars: die wordt steeds jonger, dwars tegen de vergrijzing in.
Van pijnlijke nekken en schouders hadden vroeger vooral 45-plussers
last, maar nu ziet Zwolle dezelfde klachten al bij prille veertigers,
dertigers en zelfs twintigers. Een tendens die alle door de Volkskrant
geraadpleegde fysiotherapeuten en chiropractors constateren.

Bijzonder
vervelend, want je nek en schouders vormen een knooppunt van spieren,
zenuwen en bloedvaten. ‘Nekklachten kunnen leiden tot
doorbloedingsproblemen of uitstralende pijn in de armen, tot zelfs
krachtverlies aan toe bij heel heftige klachten’, zegt Zwolle.
Fysiotherapeuten spreken van ‘KANS’: klachten aan de armen, nek en/of
schouders. Ook rsi valt onder deze verzamelnaam.

Hoe het komt dat steeds meer
Nederlanders al in de bloei van hun leven met nek- en rugklachten
kampen? Beeldschermpjes zijn de belangrijkste boosdoeners, denkt Zwolle.
Als ze vroeger bij patiënten langsging op hun werk om beter advies te
kunnen geven over hun klachten, dan trof ze meestal alleen een vaste
computer aan op hun bureau. ‘Tegenwoordig zie ik standaard drie, vier
beeldschermen: desktops, laptops, smartphones, tablets. Voor je nek en
schouders is het heel belastend om daar de hele dag naar te kijken.
Bovendien stopt de belasting niet op het werk: veel mensen zijn nadat ze
al acht uur achter een computer hebben gezeten thuis nog drie of vier
uur bezig met hun tablet of smartphone.’

Is er inderdaad een
causaal verband tussen ons stijgende beeldschermgebruik en het groeiend
aantal nek- en schouderklachten? Dat de twee fenomenen iets met elkaar
te maken hebben lijkt duidelijk, maar het gaat te ver om te stellen dat
er een één-op-één-relatie is, zegt Pascal Madeleine, hoogleraar sport en
ergonomie aan de universiteit van Aalborg. De Deen deed de afgelopen
jaren veel onderzoek naar fysieke klachten en het gebruik van computers
en smartphones.

‘Het is niet simpelweg de hoeveelheid tijd die je
voor een schermpje doorbrengt die bepaalt of je last krijgt van je nek
en schouders’, zegt Madeleine. ‘Er spelen ook andere factoren een rol,
zoals hoe fit je bent, hoe je relatie is met je baas, of je je werk leuk
vindt, et cetera. Ook geslacht speelt mee: vrouwen zijn vatbaarder voor
dit soort klachten.’

Onderrug

Behalve nek- en schouderklachten
ziet de Haagse fysiotherapeut David Turenhout vooral veel patiënten met
een pijnlijke onderrug. Te weinig bewegen en te veel getuur naar
beeldschermen spelen daarbij zeker een rol, maar onderschat ook
psychologische factoren niet, zegt Turenhout. ‘De werkdruk is de laatste
jaren enorm gestegen. Patiënten hebben het gevoel dat ze geleefd
worden, dat ze de controle kwijt zijn. Tien jaar geleden hoorde ik ze
dat niet zeggen. Dat komt niet alleen door de werkdruk, maar ook door de
druk die we onszelf op allerlei terreinen opleggen. Sommige patiënten
komen bij me om bijna letterlijk een half uurtje tijd te kopen om even
aan zichzelf te kunnen toekomen.’

We proberen zoveel ballen in de
lucht te houden dat er maar één balletje bij hoeft te komen om
lichamelijk ongemak te veroorzaken. ‘Onrust op de werkvloer, zoals bij
reorganisaties, is vaak een trigger van fysieke klachten. Als er eenmaal
onzekerheid in het spel komt, gepaard met vermoeidheid, dan begint het
pas echt te piepen en te kraken.’ Onlangs was hij als
arbeidsfysiotherapeut op bezoek bij een bedrijf waar net een
ontslagronde was aangekondigd. ‘Dat er banen verloren zouden gaan,
vonden werknemers niet het grootste probleem. Wel dat ze niet wisten
wanneer en met wie het ging gebeuren. Een werknemer zei: ‘Laat mij het
maar zijn, over twee weken. Dan weet ik tenminste waar ik aan toe ben.’

Er speelt nog iets anders, denkt de
Heiloose chiropractor Martin Roosenberg: jonge mensen zijn tegenwoordig
minder belastbaar. ‘Er is lang de neiging geweest om te denken: als je
ergens last van hebt, dan doe je blijkbaar te veel en moet je het
rustiger aan doen. Maar als je van heel simpele dingen al last krijgt –
een half uurtje schilderen, een uurtje fietsen – dan heb je geen last
van overbelasting, maar van onderbelasting.’

Minder beweging en
meer stress zijn de boosdoeners, denkt Roosenberg. ‘Ik ben van 1963. Wij
waren vroeger altijd buiten aan het spelen. Ik denk niet dat de
gemiddelde jongere van tegenwoordig straks op zijn 54ste even sterk zal
zijn als ik nu ben. Niet omdat ik nou zo sterk ben, maar simpelweg omdat
jongere generaties steeds minder gewend zijn om buiten te spelen.’

Yvonne
Zwolle – bouwjaar 1972 – maakt zich ook zorgen over de jeugd. ‘Ik krijg
tieners in de praktijk die nu al last hebben van hun rug. Die moeten
nog de arbeidsmarkt op. Hoe moet dat als ze straks in de 60 zijn?’

© Claudie de Cleen

Bron: De Volkskrant